Ontwerpend onderzoek

Public Space & Urban Ecology








Home

Contact
Bureau Visie
CV




Informatie

De Botanische stad, groene ruimte en stedelijke biotopen

SL studio werkt aan het onderzoeksproject ‘De Botanische stad, groene ruimte en stedelijke biotopen’. Groene ruimte in steden is vaak monotoon en soortenarm ingericht. De stedelijke omgeving wordt door veel ontwerpers en ecologen dan ook beschouwd als één biotoop; namelijk de stedelijke. De stedelijke omgeving van hoog- tot suburbaan kent tegenwoordig echter een hogere biodiversiteit dan het landelijke gebied. Dit komt door de schaalvergroting en intensivering in de landbouw enerzijds en door de introductie van steeds meer cultivars en exoten in stadstuinen anderzijds, maar ook door de steeds sterke temperatuurs- en klimaatverschillen en wisselende fysieke omstandigheden binnen een stedelijk gebied. Zo kan een stenig gebied met dichte hoogbouw beschouwd worden als bergklimaat, en heerst in sommige binnenterreinen een subtropisch klimaat waar palmen en kiwi’s bloeien en overwinteren. Koele, vochtige, beschaduwde plekken in de stad zijn uitstekende biotopen voor water of moerastuinen.

Door juist te ontwerpen vanuit de diverse micro-klimaten en biotopen in de stad kan een diverser en rijker geschakeerde groenstructuur ontstaan die tevens een bijdrage kan leveren aan het oplossen van water- en klimaatvraagstukken in de stedelijke omgeving. De diversiteit aan tuinen en biotopen zoals die van oudsher voorkomen in Botanische tuinen, kloostertuinen en paleistuinen dienen als studie-objecten voor dit onderzoek naar nieuwe typologieën voor groene ruimte.  >>

De Botanische stad, groene ruimte en stedelijke biotopen

SL studio is gestart met het onderzoeksproject ‘De Botanische stad, groene ruimte en stedelijke biotopen’. Groene ruimte in steden is vaak monotoon en soortenarm ingericht. De stedelijke omgeving wordt door veel ontwerpers en ecologen dan ook beschouwd als één biotoop; namelijk de stedelijke. De stedelijke omgeving van hoog- tot suburbaan kent tegenwoordig echter een hogere biodiversiteit dan het landelijke gebied. Dit komt door de schaalvergroting en intensivering in de landbouw enerzijds en door de introductie van steeds meer cultivars en exoten in privétuinen anderzijds, maar ook door de steeds sterke temperatuurs- en klimaatverschillen en wisselende fysieke omstandigheden binnen een stedelijk gebied. Zo kan een stenig gebied met dichte hoogbouw beschouwd worden als bergklimaat, en heerst in sommige binnenterreinen een subtropisch klimaat waar palmen en kiwi’s bloeien en overwinteren. Koele, vochtige, beschaduwde plekken in de stad zijn uitstekende biotopen voor water of moerastuinen.

Door juist te ontwerpen vanuit die diverse micro-klimaten en biotopen in de stad kan een diverser en rijker geschakeerde groenstructuur ontstaan ie tevens een bijdrage kunnen leveren aan het oplossen van het water- en klimaatvraagstuk in de stedelijke omgeving.. De diversiteit aan tuinen en biotopen zoals die van oudsher voorkomen in Botanische tuinen, kloostertuinen en paleistuinen dienen als studie-objecten voor dit onderzoek. De recente trend om de voorkeur te geven aan ‘inheemse’ beplanting is waardevol vanuit de soortenbescherming maar er wordt voorbijgegaan aan het feit dat al eeuwenlang exotische planten en kruiden worden verzameld, van de kloostertuinen tot botanische tuinen. Vooral in moestuinen en in de tuinbouw wordt al van oudsher geprobeerd micro-klimaten te creeeren door de toepassing van gebogen muren die de warmte langer vasthouden voor vruchtdragende planten.

Het onderzoek zal bestaan uit 4 lijnen:

A. Een analyse op de ‘doorsnede’ van 3 steden in verschillende klimaatzones, er wordt gekeken naar het onderliggende natuur/cultuurlandschap en de stedelijke structuren en dichtheden. Er wordt onderzocht welke micro-klimaten en/of biotopen kunnen worden onderscheiden; bv wetlands, berglandschappen, patio’s etc. Hieruit worden diverse proeftuinen gedestilleerd voor de ontwerp-experimenten.

B. Een analyse van Botanische Tuinen (cultuurhistorisch en ruimtelijk). Hoe zijn ze landschappelijk opgebouwd en verankerd in het landschap; welke biotopen zijn aanwezig, hoe verhouden ze zich tot het stedelijke klimaat en hoe zijn ze geprojecteerd op het onderliggende natuur- en /of cultuurlandschap. Onderzocht worden o.a. Tuinen van Sintra, Arboretum Trompenburg (projectie van tuinen op het veenweide landschap)

C. Het opstellen van een raamwerk van (lokatie specifieke) fysieke criteria voor de proeftuinen m.b.t. tot ruimtelijke en klimaatvraagstukken en psycho-social) criteria voor groene ruimten in de stad aan de hand van b.v. de studies van Kaplan en Kaplan; ‘The experience of nature’.

D. Projectie van Botanische concepten (bv. Varenvallei, bostuinen, rotstuinen op de stedelijke proeftuinen) op de proeftuinen. Onderzocht wordt hoe ze zich ruimtelijk kunnen verhouden tot het fysieke landschap, stedelijke programma’s en gradaties van openbaarheid en het raamwerk van criteria.

Maandelijks zullen delen van analyses van literatuur en botanische tuinen en de stedelijke biotopen worden gepubliceerd in een nieuwsbrief.

Als inspiratie voor dit onderzoek dienen mijn liefde en fascinatie voor bijzondere stedelijke groene ruimten en biotopen en in het bijzonder Botanische Tuinen en Arboreta én de publicaties van o.a. Kaplan & Kaplan, ‘Leven in de stad’ van Johan van Zoest en ‘The dynamic landscape’ van Nigel Dunnett.

<< afbeelding 1: uit 'The art of survival, recovering landscape architecture' - Kongjian Yu & Mary Padua << afbeelding 2: Ontwerp Binnenhoven Kanaleneiland met verschillende beplantingstypen; een dennenbos en een kersenboomgaard. Hierdoor onstaat diversiteit in beeld en gebruik in de eentonige groenstructuur van de tuinsteden - Ontwerp SL studio